De vereniging, onder de naam 'Nederlandse Vereniging voor Azië en Pacific Studies', heeft ten doel de alfa en gamma studie van Azië en de Pacific te bevorderen en de belangen te behartigen van haar beoefenaars in Nederland.
Dit doel wil zij verwezenlijken door:
1) Coördinatie van de Azië en Pacific studies binnen Nederland
2) Grotere zichtbaarheid; creëren en verbreden van een maatschappelijk draagvlak
3) Beleidsadvies geven
4) Forum bieden voor
niet-institutionele wetenschappers
Veranderingen in de organisatie van het wetenschappelijk
onderzoek en onderwijs, onder andere door de oprichting van
onderzoekscholen en de centralisatie van de besluitvorming in de
onderzoeksfinanciering bij NWO/WOTRO, hebben de betekenis van de
bestaande werkgemeenschappen uitgehold. Dit geldt zowel voor de
Werkgemeenschap Zuidoost Azië en Oceanië (ZOAO) als
voor de Werkgemeenschap Zuid Azië. Tegelijkertijd voelen jongere
wetenschappers op het gebied van Oost en Centraal aziatische
studies, voor welke gebieden vroeger geen werkgemeenschappen
bestonden, behoefte aan een organisatorisch kader.
Het bestuur van de Werkgemeenschap ZOAO organiseerde op 12
januari 1996 een dag waarop over de toekomst van Azië
studies in Nederland gesproken werd. De directeur van het IIAS
pleitte voor de oprichting van een Nederlandse Organisatie voor
Azië Studies. Zijn voorstel vond bijval en staande de
vergadering werd een stuurgroep samengesteld die het perspectief
van zo'n organisatie in kaart zou gaan brengen. Deze groep
bestond uit Adriaan Bedner, Beatrice van der Goes, Michel Hockx,
Gerrit Knaap, Dick Kooiman, Toon van Meijl, Hans Schenk, Ivo
Smits, Leontine Visser en Paul van der Velde. Zij kwamen tot de
conclusie dat er voldoende animo bestond voor een nieuw op te
richten organisatie. Dit animo komt tot uiting in de hiernaast
afgedrukte adhesiebetuigingen die ze bij elkaar brachten.
Op 20 augustus 1996 is de Nederlandse Vereniging voor Azië
en Pacific Studies (NVAPS) opgericht. De bestaande
werkgemeenschappen zullen hierin opgaan. De vereniging hanteert
een brede definitie van Azië en staat in principe open voor
iedereen met belangstelling voor Azië. De NVAPS zal als een
Azië platform gaan fungeren en zal nauwe samenwerking zoeken
met andere groepen, verenigingen en associaties op het gebeid
van Azië. Binnen de vereniging zal plaats zijn voor zowel
thematisch als regionaal georganiseerde werkgroepen.
De NVPAS zal tevens samenwerking zoeken met nationale
verenigingen voor Azië studies in Europa en andere delen van de
wereld.
Het bestuur van de vereniging bestaat voorlopig uit: Paul van der
Velde (voorzitter), Ivo Smits en Leontine Visser. Het bestuur zal
verder uitgebreid worden en tijdens de eerste jaarvergadering in
mei 1997 zal voor de eerste keer een bestuur gekozen worden.
Coördinatie van de Azië en Pacific studies binnen
Nederland
De vereniging beoogt de onderlinge communicatie en samenwerking
te bevorderen tussen iedereen die actief is op het gebied van de
alfa en gamma disciplines met betrekking tot Azië en de
Pacific in Nederland.
De in Nederland beschikbare kennis van Azië en de Pacific
wordt nu niet optimaal benut. Men weet vaak niet goed welke
expertise aanwezig is in een andere discipline, of in dezelfde
discipline maar met betrekking tot een andere regio. Contact en
samenwerking berusten vaak op persoonlijke netwerken met een
inherent tijdelijk karakter. De vereniging kan dergelijke
contacten en kennisspreiding een coherenter en permanenter
karakter geven. Kruisbestuiving door samenwerking van
onderzoekers uit de verschillende regio's en verschillende
disciplines is slechts een mogelijkheid uit vele.
Coördinatie kan voorts worden bereikt door de volgende
middelen en activiteiten:
- het verzorgen van een nieuwsbrief in de vorm van een katern
of pagina's in de IIAS Newsletter
- een landelijk congres (bv. in samenwerking met bestaande
organisaties en instituten)
- het verfijnen van een databestand van specialisaties van
individuele leden voor specifiek Nederlandse behoeften (in
samenwerking met de beheerders van bestaande databestanden, zoals
die van het KITLV en het IIAS).
Er wordt naar gestreefd om een Nederlands onderdeel te vormen van een vereniging voor Azië en Pacific studies op Europees niveau.
Grotere zichtbaarheid; creëren en verbreden van een
maatschappelijk draagvlak
De vereniging kan zich opwerpen als een agentschap voor leden die
bereid zijn tot het verstrekken van informatie en het geven van
voorlichting op hun vakgebied, voor zowel binnen- als
buiten-universitaire doeleinden alsmede voor de media. Het
databestand van leden en hun specialisaties dient dan als basis
voor het aanbod. Dit kan met name voor niet-institutionele
onderzoekers een mogelijkheid zijn om zich te blijven profileren
op hun vakgebied.
Hierdoor wordt de zichtbaarheid van Azië en Pacific studies
vergroot, hetgeen zal leiden tot grotere bekendheid, niet alleen
bij studenten van een bepaalde regio maar ook bij studenten van
andere disciplines alsmede bij buiten-universitaire
geïnteresseerden uit het bedrijfsleven, politiek, onderwijs
en journalistiek en andere maatschappelijke groepen.
De vereniging zal zich sterk maken voor meer
vakgroepsoverschrijdend onderwijs op alle niveau's. Daarnaast zal
zij meewerken aan een inventarisatie van curricula op HBO en WO
niveau en suggesties doen om eventuele lacunes daarin op te
vullen. In de toekomst valt wellicht te denken aan Azië en
Pacific onderwijs op middelbare scholen.
Beleidsadvies geven
Aangezien de vereniging gebaseerd is op individueel lidmaatschap
en van onderen gesteund wordt door een brede laag van Azië-
en Pacific-specialisten bezit zij de legitieme basis om namens
hen te spreken en een van andere instituten onafhankelijk advies
uit te brengen. Een adviesfunctie kan algemeen politieke zaken
betreffen, maar zal zich evenzeer richten op de wetenschappelijke
en maatschappelijke relevantie van het onderwijs- en
wetenschapsbeleid.
De adviesfunctie voor het wetenschapsbeleid dient te leiden tot
zitting van specialisten-adviseurs op het gebied van Azië en
Pacific studies in commissies van onderzoeksscholen,
postdoctorale instituten en subsidieverlenende instanties voor
deze regio's als bijvoorbeeld NWO/WOTRD en het IIAS. Hierdoor kan
de vereniging meedenken over de waardering voor
onderzoeksvoorstellen die zich begeven op het terrein van
Azië en Pacific studies en kan zij helpen lacunes in deze te
signaleren en op te vullen.
Forum niet-institutionele wetenschappers
De vereniging zal contacten bevorderen tussen universitaire
medewerkers en stafleden van musea en vergelijkbare
instellingen. Daarnaast zal de vereniging vooral een
referentiepunt vormen voor wetenschappers die niet, of slechts
tijdelijk, aan een instituut verbonden zijn.
Het congres biedt daarvoor een platform. Verder zullen de
niet-institutionele wetenschappers op de hoogte gehouden worden
van en wellicht ook betrokken worden bij activiteiten van
institutionele wetenschappers.
Als lid ontvangen ze bovendien de IIAS Newsletter.
Lidmaatschap en Organisatie
Er zijn individuele leden en institutionele leden. Alleen
individuele leden hebben stemrecht.
Het individuele lidmaatschap staat open voor iedereen die actief
is in dan wel betrokken is bij de alfa en gamma studies van
Azië en de Pacific. Ook individuen wier werkzaamheden buiten
Azië en de Pacific liggen, maar die er wel een grote
belangstelling voor hebben, zoals journalisten, diplomaten,
zakenlieden, leraren en studenten, kunnen lid worden.
Institutionele leden zijn onder meer onderzoeks- en
onderwijsinstellingen, musea, genootschappen, bedrijven, enz.
De vereniging bestaat uit een beperkt aantal thematisch en/of
regionaal georganiseerde werkgroepen, die de kern vormen van haar
activiteiten. Deze worden vertegenwoordigd in een bestuur. Het
bestuur heeft een algemeen beleidsbepalende en coördinerende
functie.
Het gekozen bestuur bestaat uit tenminste een voorzitter,
secretaris en penningmeester. Er wordt naar gestreefd een bureau
op te richten met secretariële ondersteuning. Van de leden zal
een contributie gevraagd worden. Additionele financiering vindt
plaats door bijdragen van onder andere het IIAS en van WOTRO
(NWO). Er wordt naar gestreefd om een bestuurslid of
vertegenwoordiger van het bestuur als adviseur zitting te laten
nemen in commissies van wetenschappelijke organisaties en
instituten.